Hoe speel je blues improvisatie als gevorderde tijdens pianoles?
Ik ben Mike Schonewille en muziek loopt als een rode draad door mijn leven. Vanaf mijn achtste speel ik piano en later ook gitaar, basgitaar en drums. Jaren in lokale bands leerden me samen spelen en blijven groeien.
In deze introductie schetsen we wat je als gevorderde kunt verwachten tijdens gerichte lessen. De 12-maten-structuur geeft houvast met een vast akkoordenschema. Links bouw je stevige baslijnen, rechts werk je aan vrije lijnen met de mineur bluestoonladder.
We leggen uit hoe techniek, gehoortraining en creativiteit samenkomen. Met een metronoom verbeter je timing en feel snel. Ray Charles komt voorbij als voorbeeld van expressie en ruimte in solo’s.
Ons doel is helder: je speelt met karakter en persoonlijkheid. We tonen praktische oefeningen, valkuilen en een realistisch oefenritme dat bij een druk schema past. Zo maak je van patronen echte verhalen.
Waarom bluesimprovisatie je spel als gevorderde pianist verdiept
Voor ervaren spelers biedt de stijl een raamwerk waarin persoonlijkheid en nuance centraal staan.
Ik ben Mike Schonewille. Vanaf mijn achtste is spelen voor mij ontspanning en een creatieve uitlaatklep gebleven. Die liefde groeide door jaren in lokale bands en het verkennen van gitaar, bas en drums.
De oorsprong ligt in de VS en de muziek zit vol emotie. Improvisatie werd later een vast onderdeel en stroomde door naar jazz. Daardoor leer je luisteren, reageren en verhalen vertellen met geluid.
Muziek als creatieve uitlaatklep: Mike’s rode draad
We verbinden technisch niveau aan expressie. Een eenvoudig schema geeft ruimte voor timing, dynamiek en frasering. Zo vertel je meer met minder noten.
Van techniek naar expressie: emotie in de blues
- Langdurige toewijding over vele jaar maakt luisteren en reageren vanzelfsprekend.
- Microtiming brengt spanning en release; dat geeft feel.
- Oefeningen met thema’s en variaties helpen van netjes spelen naar echt vertellen.
| Focus | Praktische tip | Resultaat |
|---|---|---|
| Timing | Speel met metronoom en varieer swing | Minder strak, meer groove |
| Klankkleur | Experimenteer met pedaal en touch | Meer emotie in iedere frase |
| Bandspel | Luister naar call & response | Betere interactie en ruimte |
“Korte momenten achter het instrument zijn vaak de rijkste.” — Mike Schonewille
De kern: het 12-maten-blues schema als basis
De vaste vorm van twaalf maten helpt je ideeën logisch te ordenen en laten ademen. We gebruiken 4/4 maat en delen de vorm overzichtelijk in 4+4+4 maat. Zo weet je snel waar je staat tijdens spelen of meespelen.
Structuur I-IV-V: een vast akkoordenschema
I-IV-V verdeelt de 12 maten in herkenbare functies. Speel eerst de vorm: vier maten I, vier maten IV en vier maten V/terug naar I. Dat maakt transitiekaders helder en helpt bij het kiezen van landingstonen bij akkoordwissels.
Ray Charles en de rol van improvisatie als onderdeel
Ray Charles toont hoe timing en dynamiek boven dit schema werken. Zijn spel gebruikt call & response en ruimte om emotie mee te geven.
- We oefenen tellen, metronoom en meeneuriën van de vorm.
- Je verdeelt motieven per maat en kiest noten die naar het volgende akkoord leiden.
- Start van leadsheet naar vloeiend spel: vorm → akkoorden → melodische verbindingen.
“Een duidelijke basis geeft je de vrijheid om echt te spreken met noten.” — Mike Schonewille
Linkerhand in de maat: baslijnen en boogie-patronen
De linkerhand bepaalt de groove; hier bouwen we een stevige baslijn op maat. We starten praktisch: plek van je hand, concrete noten en een duidelijke volgorde.
Baslijn C‑E‑G‑A en variaties per maat
Begin op de tweede C van het klavier. Speel C‑E‑G‑A vier tellen per maat en herhaal. Daarna ga je naar F‑A‑C‑D twee rondes en terug naar C‑E‑G‑A twee rondes.
Praktische tip: accentueer de eerste tel van elke maat zodat de baslijn stuwt en je rechterhand ritmisch kan antwoorden.
Overgangen: F‑A‑C‑D en G‑B‑D‑E in context
Afsluitend speel je G‑B‑D‑E één keer, daarna F‑A‑C‑D, dan C‑E‑G‑A en eindig met een G van vier tellen. Varieer met omkeringen en passing notes om de loop spannend te houden.
Timing en groove: metronoom in 4/4
Gebruik de metronoom in 4/4 en oefen langzaam naar middeltempo. Werk aan een ontspannen pols en let op aanzet en loslaten van de noten voor een wandelende feel.
“Mike’s ervaring op bas en drums helpt je luisteren als een ritme-sectie en zo de groove te vinden.”
- Oefenblok: 4 maten I, 2 maten IV, 2 maten I, 1 maat V, 1 maat IV, 1 maat I, 1 maat V (hold).
- Gebruik pedaal spaarzaam zodat de baslijn strak blijft.
- Houd dynamiek van de linkerhand lager dan rechts, maar zorg dat de lijn duidelijk blijft in de mix.
Rechterhand vocabulaire: de mineur bluestoonladder
De rechterhand ontwikkelt een compact vocabulaire dat je solo’s kleur en richting geeft. We zingen en spelen de ladder om de klank te verankeren. Zo groeit je gevoel voor frasering en articulatie.
Toonladder — speel de C‑mineur bluestoonladder: C‑Eb‑F‑F#‑G‑Bb‑C. Gebruik deze noten elke tel boven de linkerhand-baslijn.
https://www.youtube.com/watch?v=TGm-qIx9OYQ
De noten en hun functie
Elke graad voelt anders boven I, IV en V. C en G geven rust, Eb en Bb voegen kleur toe en F# brengt spanning.
Blue notes en klankkleur
Blue notes (Eb, F#, Bb) veroorzaken kleine verschuivingen in emotie. Gebruik slide naar Eb of korte voornoten naar F# voor karakter.
- Begin met kwartnoten, ga naar achtsten met gereserveerde rusten.
- Werk met ritmische cellen (bijv. twee achtsten + kwart rust) om ademruimte te bieden.
- Ontwikkel motieven uit drie noten en varieer timing en articulatie.
- Eindig zinnen op akkoordtonen bij maat 4, 8 en 12 om geaard te blijven.
- Let op duimplaatsing: zet de duim onder zonder de hand te knellen voor vloeiende lijnen.
“Zingen en spelen tegelijk helpt je oor en hand met elkaar te verbinden.” — Mike Schonewille
piano improvisatie blues gevorderd: van basis naar beheersing
Met kleine motieven en gerichte variatie ontwikkel je vloeiende, natuurlijke solo’s. We tonen een heldere manier om te groeien: start simpel en bouw systematisch uit.
Manier van opbouwen: motieven, variaties en sequenties
We beginnen bij de basis: kies één kort motief en speel het door de 12 maten. Varieer per akkoord en maak sequenties zodat het verhaal logisch blijft.
Ritmische displacement en syncopen
Probeer een motief een tel eerder of later te plaatsen. Die kleine afwijking geeft spanning zonder de puls kwijt te raken.
Frasering: call & response tussen handen
Laat de linkerhand korte antwoordjes spelen in maat 2 en 6. Zo ontstaat interactie en gesprek tussen je handen.
Ruimte laten: stilte als onderdeel van je solo
Stilte versterkt een sterke frase. Plan rustmomenten na krachtige zinnen zodat de luisteraar kan ademhalen.
- Opdrachtkaarten: één chorus met kwartnoten, één met triolen, één met accenten op tel 2 en 4.
- Werk trapsgewijs in dynamiek: bouw op naar maat 9–12 en creëer daarna weer ruimte.
- Richt je op doeltonen bij akkoordwissels en leid daarheen met chromatiek.
“Mike zoekt altijd nieuwe manieren om zich te ontwikkelen; dat zie je terug in het stapsgewijs verdiepen van motieven en ritmiek.” — Mike Schonewille
Wil je methodes en oefeningen naast deze aanpak? Bekijk onze selectie met oefeningen en boeken voor verder studiemateriaal: beste jazzpiano lesmethodes.
Voicings die werken: kleur en spanning boven het schema
Compacte voicings geven snel kleur en ruimte boven het akkoordenschema. Mike’s ervaring op gitaar en bas kleurt de keuze voor kleine, ritmische grepen. Zo houd je ruimte voor de solo en de groove.
Shells, 6ths en 9ths
Begin met shell-voicings (3 en 7). Met twee of drie noten stuur je de harmonie zonder te stapelen.
Voeg daarna 6ths en 9ths toe voor kleur. Let op stemvoering zodat overgangen soepel blijven.
Chromatiek en doorgangsnoten
Gebruik korte chromatische benaderingen om akkoordtonen te bereiken. Dat geeft richting zonder druk te zetten.
Integreer doorloop-noten in de topstem zodat je voicings meezingen met je solo.
- Linkerhand houdt de groove; rechterhand zet compacte akkoorden op tel 2 en 4.
- Oefen II–V‑achtige verbanden in maat 9–12, behoud het karakter van het stuk.
- Vergelijk rootless voicings met volledige akkoorden en kies per bandsetting.
“Korte voicings laten de ruimte spreken; je solo krijgt zo meer lagen.”
Turnarounds en endings die professioneel klinken
Met slimme turnarounds maak je de overgang naar een nieuwe chorus spannend en logisch.
We plaatsen de klassieke I‑VI‑II‑V turnaround in maat 9–12. Die bouwt spanning op en leidt terug naar de start zonder te forceren.
Klassieke I‑VI‑II‑V turnaround
Speel de progressie met toegevoegde 9ths voor kleur. Voeg korte chromatische lijnen toe richting de I voor extra drive.
Bluesy afsluiters en tags per liedje
Tags zijn herhalingen van de slotmaat die een liedje extra nadruk geven. Kies een korte tag of een verlengde maat, afhankelijk van tempo en feel.
- Turnaround in maat 9–12: spanning opbouwen via chromatiek.
- Kleur met 9ths om de harmonie rijker te maken.
- Gebruik een korte tag voor live stops of om een volgende chorus aan te kondigen.
- Varieer de baslijn in de slotmaat voor meer drive zonder de groove te verbreken.
| Situatie | Timing | Voorbeeld |
|---|---|---|
| Slow | Langzame afsluiting, meer ruimte | Diatoon eind, lange landingsnoot op I |
| Shuffle | Strakkere puls, kortere tags | Chromatische walk‑down naar I met verdubbelde bas |
| Band | Visuele cue | Oogcontact + hoofdknik als stopteken |
Oefen twee versies: een eenvoudige diatonische en een chromatische variant. Luister naar voorbeelden en speel ze na om je oor te trainen.
“Mike houdt van afsluiters die het verhaal rond maken en ruimte laten voor een volgende chorus.”
Tot slot, koppel je favoriete afsluiter aan het karakter van het gekozen liedje. Zo sluit de vorm naadloos aan op de rest van de muziek en blijft de turnaround een logisch onderdeel van het stuk.
Improvisatie als vaardigheid: gericht oefenen met doel
Gericht oefenen verandert losse ideeën in consistente muzikale antwoorden. We zetten kleine, haalbare stappen zodat je dagelijks vooruitgang boekt zonder overweldigd te raken.
Korte dagelijkse sessies van 10 minuten opbouwen
Begin met 10 minuten per dag. Bouw rustig op naar langere blokken als dat past bij je weekrooster.
Een voorbeeldblok van 10 minuten werkt goed:
- 3 minuten: vorm en baslijn spelen.
- 4 minuten: motiefontwikkeling en variatie.
- 3 minuten: opname en terugluisteren.
Wissel elke sessie één manier van variëren uit: ritme, notenkeuze of dynamiek. Dat maakt vooruitgang meetbaar.
Thematisch spelen: een verhaal of gevoel als leidraad
Kies per sessie een thema of emotie. Dat houdt je focus en voorkomt willekeurige frasen.
Voorbeeld: speel een melancholisch motief, herhaal het en verander de afsluiting. Noteer wat werkte en pas de volgende dag aan.
| Doel | Actie | Resultaat na 4 weken |
|---|---|---|
| Consistentie | 10 min. per dag | Betere reflexen en geheugen |
| Gerichte groei | Één variatie manier per sessie | Meetbare verbetering in techniek |
| Luistervaardigheid | Dagelijkse opname | Snellere zelfcorrectie |
Plan weken en meet vooruitgang over een jaar met korte opnames. Mike zoekt altijd nieuwe manieren en plant oefenmomenten die haalbaar en effectief zijn.

“Kleine, gerichte stappen brengen je verder dan uren zonder plan.” — Mike Schonewille
Luisteren, opnemen, terugluisteren: je oor trainen
Bewust luisteren naar referenties en je eigen opnames scherpt je muzikale smaak.
We stellen luisterlijsten samen met traditionele stukken en soul. Zo vergroot je je referentiekader en vind je nieuwe ideeën voor frasering.
Referenties beluisteren: van traditioneel tot soul
Luister gericht. Vraag je af: waar valt de solist in? Hoe bouwt de band spanning op? Let op dynamiek en ruimte.
Opname-analyse: timing, notenkeuze, dynamiek
Gebruik smartphone of DAW met metronoom of backing track. Noem bestanden logisch: datum_titel_chorus.mp3.
- Focus per terugluisterronde op één aspect: timing, frasering of notenlanding.
- Vergelijk je opname met een referentie en noteer concrete verschillen.
- Zing korte motieven na en vind ze direct op het instrument.
- Transcribeer handige licks en bouw een persoonlijke bibliotheek.
- Laat af en toe een docent of medemuzikant luisteren voor objectieve feedback.
“Opnemen en terugluisteren is voor Mike een vaste stap om bewuster te spelen en te blijven groeien.”
| Stap | Actie | Resultaat |
|---|---|---|
| Opname | Smartphone/DAW + metronoom | Repliceerbare referentie |
| Analyse | Één focus per ronde | Duidelijke verbeterpunten |
| Vergelijk | Referentie vs eigen opname | Gerichte oefenplanning |
Praktisch: begin met korte sessies van 10 minuten opnemen en 5 minuten analyseren. Zo bouw je een routine en verbeter je je gehoor stapsgewijs.
Samenspelen en interactie: leer van andere muzikanten
Interacties met andere muzikanten brengen onverwachte ideeën en plezier. Mike’s ervaring in bands leert ons dat samenspelen sneller groeit dan solo oefenen.
Start met eenvoudige call & response: speel korte frases en laat ruimte voor een antwoord van de gitarist of bassist. Maak afspraken voor signalen: einde, stop, herhaal, en wie de solo neemt.
Praktische richtlijnen voor bandspel
- Rolverdeling: wissel tussen voorgaan met korte solo’s en begeleiden met spaarzame akkoorden.
- Oefen dynamiek per chorus zodat de groep samen opbouwt en afbouwt.
- Probeer vraag‑antwoordpatronen over twee maten; ze zijn direct toepasbaar in jams.
- Luister naar de bas om landingstonen te kiezen die samen strak klinken.
- Repetities met weinig afspraken (alleen vorm en tempo) scherpen je reactievermogen.
- Gebruik non‑verbale cues voor tags en endings; timing is alles.
- Fouten? Blijf spelen, glimlach en leid muzikaal terug naar het schema.
- Neem repetities op; terugluisteren toont ontwikkeling in interactie.
“Samenspelen vergroot je muzikaliteit sneller dan je denkt.” — Mike Schonewille
Van akkoorden naar melodie: praktische stappen in je pianoles
We laten zien hoe je van een akkoordenschema snel een klein melodietje bouwt. Mike werkt graag met eenvoudige stappen die direct klinken en motiveren om verder te spelen.
Stap 1 — Kies 3–4 akkoorden. Speel elk akkoord vier tellen voor duidelijk houvast. Dit geeft structuur en maakt vormherkenning simpel.
Stap 2 — Rechterhand: zoek een passende toonladder en voeg een eenvoudige melodie toe. Bij C‑majeur gebruik je de C‑majeur toonladder. Voor een meer gekleurde vorm kun je de C mineur bluestoonladder gebruiken (C‑Eb‑F‑F#‑G‑Bb‑C).
- Begin met kwartnoten, bouw later achtsten en rusten in.
- Koppel elk akkoord aan veilige landingstonen.
- Herhaal een herkenbaar motief en varieer licht per akkoordwissel.
- Links: simpele begeleidingspatronen die niet botsen met je rechterhand.
- Gebruik metronoom of backing track en zet het pedaal spaarzaam in.
Sluit af met een korte turnaround en neem je oefening op. Noteer één verbetering voor de volgende les zodat je dit kleine liedje stap voor stap sterker maakt.
“Kleine, duidelijke stappen geven vertrouwen en maken oefenen leuk.”
Linkerhand-rechterhand coördinatie: rollen verdelen
Duidelijke taakverdeling tussen handen maakt je spel direct rustiger en effectiever. We leggen uit hoe je links de ritme- en basfunctie geeft en rechts de melodie laat spreken.

Begeleiding links, improvisatie rechts: duidelijke taakverdeling
Begin met losse oefeningen: speel de basloop alleen en zing de melodie. Zo train je onafhankelijkheid zonder spanning.
Voeg daarna langzaam samen op laag tempo. Houd de linkerhand strak op tel 1 en 3.
- We maken rolverdeling expliciet: linkerhand als ritmische basis, rechterhand als verteller.
- Oefen handen apart en voeg ze samen op laag tempo om spanningen te voorkomen.
- Plan accenten: links op 1 en 3, rechts ertussen voor swing.
- Wissel compingfiguren en laat de melodie reageren op de baslijn.
- Let op ontspanning: micro-pauzes en losse polsbewegingen verminderen spanning.
- Speel met metronoom op 2 en 4 om de feel te verdiepen zonder te jagen.
| Oefening | Doel | Resultaat |
|---|---|---|
| Handen apart (2 min) | Onmiddellijke onafhankelijkheid | Minder fouten bij samenvoegen |
| Langzaam samen (4 min) | Coördinatie en timing | Vloeiender samenspel |
| Wisselaccenten (3 min) | Onafhankelijk ritme | Betere groove en ruimte |
| Ritmische gaten test (2 min) | Stabiliteit meten | Rechterhand houdt verhaal bij stiltes |
“Mike’s ervaring op gitaar, bas en drums helpt bij het denken in heldere rollen: ritme, bas en melodie.”
Tools en bronnen: leerpaden en lesmateriaal
We raden materiaal aan dat structuur en speelplezier combineert. Zo kun je direct meespelen, beluisteren en verbeteren. Hieronder vind je onze selectie en praktische tips om je oefenpad helder te houden.
Lesboek tip: Tim Richards – Blues Piano
Tim Richards – Blues Piano (Schott, ED 9695D, ISMN 9790001208321) is een praktisch werk van 136 pagina’s. Het boek bevat heldere schema’s, uitleg over blue notes, studies en bijbehorende downloads met begeleidingsopnames.
Mike raadt dit boek aan omdat de audio direct inzetbaar is in de les en thuis. Specificaties helpen bij de juiste aanschaf: formaat 23 x 30,5 cm, leverbaar sinds april 2004. Uitgever: Schott Music GmbH & Co. KG, Weihergarten 5, 55116 Mainz; info@schott-music.com; www.schott-music.com.
Metronoom en backing tracks: strak in de maat blijven
Metronoom apps kiezen we op betrouwbaarheid en eenvoudige klik-instellingen. Stel de click zo in dat de nadruk ligt op tel 2 en 4 voor de juiste feel.
Backings kies je op tempo en stijl. Werk met één track per oefenblok en koppel die aan je gekozen toonladder en akkoordkennis. Zo oefen je timing en muzikale toepassing tegelijk.
| Bron | Wat je krijgt | Praktisch gebruik |
|---|---|---|
| Tim Richards – Blues Piano | Notatie, studies, audio downloads | Speel mee met de tracks; bestudeer blue notes en schema’s |
| Metronoom-app | Nauwkeurige click, subdivisie-instellingen | Click op 2 en 4; varieer tempo voor techniek vs. feel |
| Backing track platforms | Tracks in verschillende tempi en feel | Kies passend tempo; stem toonhoogte af op je studie |
- Leerpad: om de twee weken één studie uit het boek, één luisteropdracht en één opname-opdracht.
- Checklist lesmateriaal: duidelijke notatie, audio-downloads, en concrete oefeningen per hoofdstuk.
- Opname-opstelling: smartphone of eenvoudige interface, koptelefoon en één referentie‑track voor eerlijke feedback.
- Combineer materiaal met je lessen zodat de docent voortgang meetbaar maakt en je niet alleen oefent.
“Goede bronnen geven richting en maken oefenen leuk.” — Mike Schonewille
Veelgemaakte fouten bij gevorderde improvisatie en hoe ze te vermijden
Rust en luisteren geven je spel meer betekenis dan razendsnel spelen. We leggen kort uit welke valkuilen vaak terugkomen en hoe je ze praktisch oplost.
Te veel noten, te weinig ruimte
Overladen solo’s verliezen impact. Gebruik deze eenvoudige manier: na elke zin laat je twee tellen ademen.
Zo worden frasen herkenbaar en krijgt elke zin gewicht.
Vaste patronen zonder variatie
Herhaling zonder variatie maakt je spel voorspelbaar. Verschuif accenten, speel ritmes iets eerder of later.
Focus op landingstonen per akkoord en gebruik versieringen als route naar die tonen.
- Vertraag tempo bij slordigheid; bouw pas op als timing klopt.
- Neem jezelf op en luister terug om te corrigeren.
- Matig pedaalgebruik voor helderheid in snelle lijnen.
- Oefen dynamiek: zacht → krachtig → relaxed.
“Luisteren, rust en doelbewuste keuzes maken het verschil.” — Mike Schonewille
| Probleem | Actie | Resultaat |
|---|---|---|
| Te veel noten | Schrap, laat 2 tellen ruimte | Mooier, herkenbaarder verhaal |
| Vast patroon | Accentverschuivingen en ritmevariatie | Minder voorspelbaar spel |
| Onduidelijke landing | Richting tonen oefenen per akkoord | Stevige zinnen en betere overgangen |
Persoonlijke groei: jarenlange ontwikkeling als muzikant
Door jaren spelen ontwikkel je niet alleen techniek, maar ook smaak en richting. Je oor wordt breder en je maakt betere keuzes tijdens spel.
Mike’s pad: piano, gitaar, basgitaar en drums als inspiratie
Ik ben Mike Schonewille. Mijn traject over vele jaren met meerdere instrumenten en bands voedt hoe we lesgeven en spelen aanpakken.
- Langdurig spelen geeft een flexibel oor en praktische aanpak.
- Ervaring op verschillende instrumenten laat ritme, harmonie en melodie samenvallen.
- Leer ideeën vertalen: denk als bassist voor groove, als zanger voor frasering.
- Samen spelen in lokale bands scherpt timing, vormgevoel en interactie.
Plan korte focusperioden (bijv. 6 weken timing, 6 weken frasering). Bouw een repertoirelijst en speel die regelmatig om vooruitgang te meten.
| Focus | Actie | Resultaat |
|---|---|---|
| Luisteren | Dagelijkse opname en terugluistering | Snellere zelfcorrectie |
| Spelen | Bandrepetities en optredens | Beter vormgevoel en interactie |
| Oefenplan | 6‑weekse blokken met doelen | Meetbare groei en motivatie |
“Kleine overwinningen vieren houdt plezier en nieuwsgierigheid levend.” — Mike Schonewille
Conclusie
Laat je spel groeien door kleine, bewuste keuzes in ritme en toonkleuren.
Samenvattend bouwen we voort op het 12-maten-schema, een stevige linkerhandbas, een passende toonladder en gerichte oefenroutines. Dat geeft je houvast en ruimte tegelijk.
Werk met korte dagelijkse sessies, neem op en luister terug. Gebruik materiaal en backing tracks om doelgericht te oefenen, bijvoorbeeld met voorbeelden uit deze 12-maten-schema uitleg en gerichte gehoortraining en akkoorden.
We willen dat je met vertrouwen en plezier speelt. Neem vandaag één idee mee naar je instrument en zet de eerste maat; de rest volgt uit je aandacht en smaak achter de piano.
Leer een liedje deze week
Kies je instrument en volg korte video’s. Probeer het vandaag en hoor snel verschil.
Bekijk alle cursussen