Hoe lees je tablatuur tijdens gitaarles?
Ik ben Mike Schonewille en muziek loopt als rode draad door mijn leven. Sinds mijn achtste speel ik piano en later kwamen gitaar, bas en drums erbij. Die ervaring deel ik graag tijdens les: praktische tips en directe vooruitgang staan centraal.
In de basis leggen we uit wat gitaartabs tonen: zes lijnen = zes snaren, cijfers geven de positie op de hals aan en je leest van links naar rechts. Een 0 betekent een open snaar; cijfers onder elkaar speel je tegelijk als akkoord.
Tabs laten wáár en in welke volgorde je speelt, maar niet altijd de exacte nootduur. Gebruik kort notenschrift erboven of luister naar het stuk om ritme te begrijpen. Zo help je jezelf stap-voor-stap met leren lezen van liedjes.
We geven heldere voorbeelden, duidelijke symbolen en concrete tips uit mijn band- en leservaring. Zo zien ouders en leerlingen snel resultaat en kun je met een korte routine elk lesmoment toepassen.
Wat is tablatuur en waarom kiezen gitaristen voor tabs in plaats van notenschrift
Tabs geven direct zicht op snaar en vakje. Je ziet zes lijnen die de zes snaren voorstellen. De bovenste lijn is de dunne e-snaar, de onderste de dikke E. Zo weet je snel welke toon je speelt.
Je leest van links naar rechts. Elk cijfer staat voor een vakje op de hals; 0 betekent open snaar. De standaard stemming is E A D G B e. Bij alternatieve stemming staat dat vaak naast of boven de tab.
Veel gitaristen gebruiken gitaartabs in boeken en online omdat positie en techniek zichtbaar zijn. Het grootste nadeel: tabs tonen meestal niet de exacte duur van een noot. Luister dus naar een opname of kijk naar notenschrift erboven.
- Herken de zes lijnen.
- Controleer de stemming.
- Lees van links naar rechts.
- Zoek naar techniekenymbolen en referentie-audio.
| Kenmerk | Wat je ziet | Tip |
|---|---|---|
| Lijnen | Zes snaarlijnen (boven = e) | Begin met de bovenste en onderste lijn herkennen |
| Positie | Cijfers = vakje | 0 = open snaar |
| Stemming | Standaard E A D G B e | Check alternatieve stemming bij het nummer |
Gitaar tablatuur leren: de basis die je vandaag al kunt toepassen
Start met kleine stappen: herken eerst welke snaar en welk vakje de tab aangeeft. Lees van links naar rechts en zoek het cijfer; dat nummer is het fretvak op de gitaarhals.
Een 0 betekent een open snaar. Cijfers recht onder elkaar speel je tegelijk als akkoord. Staat een cijfer schuin geplaatst, dan speel je de tonen na elkaar.
Praktische oefening: speel eerst de 6e snaar op vakje 3, daarna 5e snaar vakje 2, gevolgd door open snaren op 4 en 3. Sluit af met twee keer vakje 3 op de bovenste twee snaren tegelijk.
- Begin links, vind de snaar, zoek het vakje, zet je vinger net achter de fret.
- Herken akkoorden aan cijfers onder elkaar; herken pull-off als p tussen noten.
- Speel langzaam en tel hardop; neem wekelijks op om vooruitgang te meten.
Tip: houd je vingers ontspannen en positioneer nauwkeurig voor een cleane toon. Zo bouw je snel vertrouwen en maak je elke oefensessie effectief.
Stemming, hals en positie: zo oriënteer je jezelf op de gitaar
We beginnen altijd met de stemming. De standaardstemming is E A D G B e. Controleer dit boven of links in de tab en gebruik een clip-on stemapparaat om snel te stemmen.
Fretten zijn de metalen stripjes; een vakje is de ruimte tussen twee fretten. Plaats je vinger net achter de fret voor een zuivere toon. Zo vermijd je buzz en houd je de druk licht.
Gebruik vaste vingerzetting: wijsvinger = 1, middel = 2, ring = 3, pink = 4. Zet de wijsvinger op het laagste vakje van de positie en gebruik de pink voor het hoogste vakje. Dat maakt wissels soepel.
Basgitaar werkt hetzelfde, maar met vier lijnen in de tab. Lees van links naar rechts, herken posities en pas dezelfde vingerlogica toe op de hals van de basgitaar.
Mini-oefening: kies één positie, speel drie aangrenzende snaren met vingerzetting 1-2-3 en wissel rustig. Let op een ontspannen pols en korte bewegingen langs de hals.
- Controleer stemming met een stemapparaat.
- Zet je vinger vlak achter de fret.
- Hanteer vaste vingers per vakje voor vloeiende wissels.
Symbolen en technieken in tabs uitgelegd met voorbeelden
Elke markering op een tab vervult een spelkundige rol; we leggen de meest voorkomende uit.
Hammer-on (h) en pull-off (p): met h of p verbind je twee tonen zonder opnieuw aan te slaan. Zet je vinger op het eerste vakje en druk snel naar het volgende of laat los voor een heldere toon. Oefen langzaam en laat je vingers dichtbij het fretwerk bewegen.
Slides (/ en \ of s)
Houd de vinger op de snaar en glijd van het ene vakje naar de andere voor vloeiende overgang. Gebruik een vaste druk en stop precies op de positie voor strakke timing.
Bends, release en pre-bend
Bends noteren ½ of full. Controleer de doeltoon door die noot eerst los te spelen. Gebruik extra vingers voor steun en laat rustig los bij een release (r).
Vibrato, palm mute en ghost notes
Vibrato (~) zijn kleine micro-bends die je toon laten zingen. Palm mute (p.m.) dempt bij de brug voor strakke riffs. Een ghost note (x) geeft groove; een rake is meerdere x snel achter elkaar.
Harmonics en right-hand tap
Harmonics staan als <12> of PH en klinken op 5, 7 of 12. Tapping verschijnt met t; gebruik de rechterhand vingertip en demp met vrije vingers om ruis te vermijden.
- Lees zowel ASCII-tabs als officiële uitgaven, ze gebruiken vaak dezelfde symbolen.
- Oefen langzaam, bouw snelheid veilig op.
Rechterhand-aanslag in tabs: downstrokes, upstrokes en alternate picking
De richting van je plectrum bepaalt veel van het ritme en de dynamiek in een stuk. We leggen uit hoe je aanslaginformatie in een tab leest en omzet naar praktische plectrumbewegingen.
Internet-tabs gebruiken vaak d en u onder de notatie voor down- en upstrokes. Officiële songbooks markeren dit meestal met een V (up) en een poortje of ^ (down). Beide systemen wijzen de slagrichting aan.
- Zo vind je de aanslag: kijk onder de lijnen naar d/u of symbolen zoals V en ^.
- Vertaal dit naar je rechterhand: down = plectrum naar de brug, up = richting kop.
- Alternate picking = vaste wissel down-up; handig bij snelle noten in één positie voor consistent geluid.
| Systeem | Symbool | Tip |
|---|---|---|
| ASCII internet-tabs | d / u | Controleer timing met opname |
| Officiële songbooks | V / ^ | Let op pootjes; pas accenten aan |
| Pro-uitgaven | meerdere partijen | Gebruik extra partijen voor precisie |
Beginnersadvies: start met langzame downstrokes, voeg upstrokes toe en bouw alternate picking langzaam op. Controleer altijd of de symbolen overeenkomen met wat je hoort.
Praktische tip: plan je rechterhand aan de hand van lijnen en markeringen om positiewissels minimaal te houden en ruwheid te voorkomen.
Van tab naar geluid: timing, ritme en luisteren naar het voorbeeld
Tabbladen tonen wát je speelt; het voorbeeld laat zien hóe je het ritme voelt. Tabs geven zelden exacte nootduur. Daarom luisteren we altijd naar een opname of notenschrift erboven om timing en frasering te begrijpen.

Lees eerst links naar rechts en markeer lastige positie-wissels. Oefen die schakels los en langzaam. Zo bouw je stabiliteit voordat je snelheid toevoegt.
- Tel hardop met de metronoom en speel korte reeksen noten.
- Verhoog tempo alleen als alles gelijkmatig klinkt.
- Gebruik een langzamere referentie of een voorbeeldtabs om maat en feel te controleren.
Voeg articulatie zoals vibrato pas toe als de basisritme en de toon zuiver zijn. Vergelijk twee opnames om keuzes in dynamiek en frasering te leren. Probeer accenten mee te klappen op tel 2 en 4 bij pop/rock om timing te verstevigen.
| Stap | Actie | Waarom |
|---|---|---|
| Luister | Speel mee met originele track | Ritme, frasering en dynamiek komen tot leven |
| Markeer | Noteer lastige maatdelen en positie-wissels | Gerichte herhaling versnelt vooruitgang |
| Metronoom | Tel en verhoog tempo stap voor stap | Verbetert nauwkeurigheid en consistentie |
Tip voor ouders: laat uw kind meespelen met een langzamere versie en noteer lastige maten. Samen luisteren en oefenen versnelt het proces en houdt het plezier groot.
Oefenen met gitaartabs tijdens je les: een mini-speelplan met voorbeeld
Korte intro: We geven een direct bruikbaar speelplan voor in de les. Het is kort, praktisch en gericht op techniek, timing en muzikaliteit.
Korte routine: open snaar, enkele noten en een eenvoudig akkoord
Speel deze 5-minutenreeks als voorbeeld: lage E (6e snaar) vakje 3, A-snaar vakje 2, open D (0) en open G (0). Eindig met een dubbel 3 op B- en e-snaar tegelijk.
De open snaar helpt je focussen op de rechterhand. Cijfers onder elkaar speel je tegelijk als akkoord.
Stap-voor-stap: eerst positie kiezen, dan snaar slaan, daarna techniek toevoegen
Kies een vaste positie op het juiste vakje en zet je wijsvinger ontspannen neer. Controleer of iedere toon zuiver klinkt.
Sla snaar aan met een gelijkmatige beweging. Voeg daarna een eenvoudige pull-off toe om legato te voelen.
Persoonlijke noot van Mike Schonewille: leren door doen en veel samenspelen
Ik, Mike Schonewille, geloof in leren door doen. In mijn lessen bouwen we stap-voor-stap: eerst de basis van positie en rustige aanslag, daarna technieken zoals pull-off of slide.
Speel dit voorbeeld eerst recht, daarna met lichte dynamiekverschillen. Koppel de oefening aan een bekend liedje door de eerste maat in gitaartabs over te schrijven.
- 5-minuten routine: open snaar, drie losse noten, afsluitend tweeklank-akkoord.
- Vingerplanning: wijsvinger, middel, ring, pink rouleren over korte patronen.
- Checklist: rechte pols, vingertoppen dicht bij het fretvakje, elke noot even luid.
| Stap | Actie | Waarom |
|---|---|---|
| Positie | Kies vakje en zet wijsvinger | Consistentie en minder zoekbeweging |
| Aanslag | Sla snaar gelijkmatig | Verbeterde timing en toon |
| Techniek | Voeg pull-off of slide | Begrijp legato en dynamiek |
Veelgemaakte beginnersfouten bij tabs en hoe je ze voorkomt
Verwarring over welke lijn welke snaar is, kost veel oefentijd en frustreert snel. Een korte routine voorkomt dat probleem.
Gebruik het ezelsbruggetje “bovenaan = dunne e-snaar” om de bovenste lijn in de tab direct te koppelen aan de hoge e-snaar. Zo verwissel je niet langer boven- en onderlijnen.
Lees altijd in deze volgorde: identificeer eerst de juiste snaar, zoek daarna het vakje en pas ten slotte je positie op de hals aan. Dit voorkomt onnodige zoekbewegingen.

- Verdeel vingerzetting logisch: zet je wijsvinger op het laagste vakje van de passage en gebruik vingers 2–4 voor hogere fretten.
- Markeer lastige sprongen op je tab en oefen die stukken apart zodat je hand op tijd naar de nieuwe positie beweegt.
- Demp ongebruikte snaren met linker- of rechterhand om ruis te vermijden, vooral bij open snaren naast fretten.
- Controlepunt: speel elke maat twee keer langzaam en luister of elke e-snaar, B of G zuiver klinkt.
- Zelf-check: neem 30 seconden op, kijk naar je handstand op de gitaarhals, corrigeer en speel opnieuw.
Praktische tip: blijf tempo pas verhogen als de toonkwaliteit klopt. Zo bouw je stabiel vertrouwen en maak je echte vooruitgang met gitaartabs.
Conclusie
Samengevat: met tablatuur zie je direct welke positie en welke snaar je moet gebruiken. Het geeft snel houvast voor vingerzetting en uitvoeringssymbolen.
Belangrijk: luister altijd naar een opname of kijk naar notenschrift om ritme en notenlengte scherp te krijgen. Voor een eenvoudige uitleg over noten en ritme kun je terecht op noten lezen eenvoudig.
Voeg technieken zoals vibrato en slides pas toe als elke toon stabiel en helder klinkt. Werk in korte, regelmatige sessies en markeer moeilijke passages per positie.
Dezelfde principes gelden voor basgitaar en voor de e-snaar: kies één stukje, oefen langzaam en verhoog tempo alleen als toon en timing kloppen. Speel samen om muzikaliteit en plezier te vergroten.
Leer een liedje deze week
Kies je instrument en volg korte video’s. Probeer het vandaag en hoor snel verschil.
Bekijk alle cursussen